030 691 2566 | Prof. Lorentzlaan 51A 3701CB Zeist

Kijkje onder de motorkap

Uw auto heeft op tijd onderhoud nodig. Het serviceboekje geeft aan wanneer en bij welke kilometerstand.

Maar ook tussen die servicebeurten door is het van belang dat u de staat van uw auto controleert. Onder de motorkap zijn er 7 onderdelen die u moet herkennen om zelf tussentijds te controleren.
Dat is goed te doen en lang niet zo ingewikkeld als sommigen denken. Door zelf tussen de servicebeurten door de vinger aan de pols te houden, houdt u de auto in een goede conditie. Dat verhoogt niet alleen de betrouwbaarheid van uw auto maar ook de inruilwaarde.

kijkje-onder-de-motorkap

Is de ruitersproeiervloeistof op peil?

De vuldop voor de ruitensproeiervloeistof is altijd een dop die u op moet wippen in plaats van losschroeven. De kleur van de vuldop verschilt per automerk en model. U herkent de dop ook aan het ruitensproeier symbool.

Niveau controleren

Om te controleren of er voldoende ruitensproeiervloeistof in zit, tilt u voorzichtig het deksel op en kijkt in het reservoir. Sommige reservoirs hebben aan de zijkant niveaustreepjes waaraan u de hoeveelheid kunt aflezen.

Bijvullen

U vult het reservoir bij tot een vingerlengte onder de vuldop. Gebruik een schenktuit om morsen te voorkomen. Er zijn twee soorten ruitensproeiervloeistof: zomer en winter. Denk eraan het reservoir tijdig voor het invallen van de winter met winter (beschermd tegen bevriezen) ruitensproeiervloeistof te vullen.


Is de remvloeistof op peil?

De vuldop voor de remvloeistof kan wit, geel, groen of zwart zijn. Van metaal of kunststof. Er zijn twee soorten doppen. Het verschil tussen de twee is een peilstokje die aan de onderkant van de dop is bevestigd.

Niveau controleren

Heeft uw remvloeistofdop geen peilstok dan leest u het vulniveau af aan de zijkant van het reservoir. In het andere geval leest u het vulniveau af op het peilstokje.

Bijvullen

Vul nooit meer remvloeistof bij dan tot het maximum peil.


Is de motorolie op peil?

De oliepeilstok bevindt zich in veruit de meeste gevallen aan de voorzijde van het motorblok.

Niveau controleren

Bovenaan heeft het een ring of C-vorm of verdikte ronding waaraan u de oliepeilstok uit de oliepeilbuis trekt. Wrijf vervolgens de peilstok schoon. Duw de schone peilstok terug en trek het er weer uit. U ziet nu tot hoever de olie reikt op de peilstok. Het enig juiste niveau is net onder MAX. Ligt het niveau tussen MAX en MIN in, vul dan een kleine hoeveelheid motorolie bij. Raadpleeg uw handleiding voor de juiste dosering.

Motorolie bijvullen

U vult motorolie bij via de vulhals die is afgesloten door de olievuldop.

Motorolie bijvullen

De olievuldop voor het (bij)vullen van motorolie vindt u bovenop het motorblok. U herkent de olievuldop aan het opschrift OIL of het oliekannetje symbool. In de regel zijn de olievuldoppen zwart of donkergrijs.

Niveau controleren

Het oliepeil controleert u met behulp van de oliepeilstok. U kunt wel controleren of er zich in de vulhals of aan de onderkant van de dop geen smurrie bevindt. De olievuldop schroeft u of draait u (met een halve of kwart slag) linksom los. Ontdekt u lichtbruine, dikke smurrie onder de olievuldop of zichtbaar in de vulhals? Dat kan of een koelvloeistoflek betekenen of u heeft heel veel korte ritten met de auto gemaakt. Verwijder de smurrie met een schone doek. Vergeet niet de olievuldop goed vast terug te zetten.

Bijvullen

Draai de olievuldop los. Leg een doek om de rand van de vulhals zodat uw motorblok is beschermd tegen morsen. Februik een schenktuit om morsen te voorkomen. Vul nooit meer motorolie bij dan tot net onder het MAX niveau op de oliepeilstok. Vergeet niet de olievuldop goed vast terug te zetten.


Is de koelvloeistof op peil?

U moet de vuldop voor de koelvloeistof altijd losschroeven en niet opwippen zoals de dop voor de ruitensproeiervloeistof. De vuldop van de koelvloeistof herkent u aan het hand symbool.

Niveau controleren

Om te controleren of er voldoende koelvloeistof in zit, hoeft u NOOIT de dop te verwijderen. Het vulniveau controleert u door de peilstreepjes of de aanduidingen MAX en MIN aan de zijkant van het koelvloeistofreservoir.

Bijvullen

Verwijder de dop NOOIT als de motor nog warm is! Om koelvloeistof bij te vullen, draait u de dop linksom los. Koelvloeistof komt in verschillende kleuren (rose, lichtgroen en lichtblauw). Controleer of u de juiste koelvloeistof voor uw auto gebruikt. Gebruik een schenktuit om morsen te voorkomen.


Is het luchtfilter schoon?

Het luchtfilter is een verhaal apart. Bij de meeste auto’s is die eenvoudig te vinden, maar er zijn modellen waar het luchtfilter niet van bovenaf zichtbaar is in de motorruimte. Raadpleeg uw handleiding.

Staat van het luchtfilter controleren

Veruit de meeste luchtfilterdeksels zijn te openen door de klemmen die het deksel vasthouden op te wippen. Er zijn er ook die u los dient te schroeven. U opent het luchtfiterhuis tussen servicebeurten door om het filter te reinigen (uitkloppen of doorblazen) en de luchtfilterbak te ontdoen van stof en vuil. Het luchtfilter vervangen, gebeurt tijdens de voorgeschreven onderhoudsbeurten.


Is de accu in goede conditie?

De accu vindt u of in de motorruimte of in de kofferbak van uw auto. Raadpleeg uw handleiding. In principe zijn alle accu’s, die tegenwoordig te koop zijn, gesloten systemen die u niet (meer) hoeft bij te vullen met gedemineraliseerd water.

Staat van de accupolen controleren

Controleer of de polen (+ en -) schoon zijn en ingevet (kopervet of zuurvrije vaseline). Zo niet, smeer de polen dan dunnetjes in. Oppervlakkig vuil verwijdert u met een zachte koperborstel en schone doek.

Accu opladen

Laad uw accu alleen op met een goedgekeurde oplader. Lees de handleiding zorgvuldig door. U hoeft de aansluitkabels niet van de polen van de accu los te maken om de accu op te laden. Verbind NOOIT de plus met de minpool van de accu! Bij modernere auto’s valt het motormanagementsysteem uit als u één van de aansluitkabels losmaakt. U hebt dan een speciale code nodig om de auto te starten nadat u de aansluitkabels weer op de polen bevestigt.